You are here: Home Reisverslagen Oostenrijk 2008

FMVB

Oostenrijk 2008

E-mail Afdrukken

Reisverslag van een schitterende jubileumreis vanuit Oostenrijk !

 

Het was reeds van lang voordien aangekondigd en de verwachtingen waren meer dan ooit groots , de tiende editie van onze jaarlijkse septemberreis moest en zou iets speciaal worden. Niettegenstaande verkeerde berichtgevingen en de afstand die enkelen afschrikten waren er toch maar liefst 22 avonturiers die het  er op zouden wagen. En voor avontuur zou gezorgd worden, alleen al de formule dat elk op zich op de bestemming diende te raken was uniek. De meesten groepeerden zich toch en vertrokken op zaterdag om de 1100 km af te malen, een enkeling was reeds de vrijdag vertrokken , een tweede groep verzamelde op zondagmorgen om 09 uur en de laatste der Mohikanen reisde met auto en aanhangwagen alleen af op maandagochtend. Hopelijk zou iedereen er op tijd geraken en kon de groep compleet worden.

 

Groot was echter de verbazing wanneer het merendeel van de reisgezellen elkaar trof op zondagavond laat in de omgeving van Kitzbuhl, meer bepaald in het Lifthotel te Kirschberg en we daar eigenlijk zonder voorafgaande afspraken herenigd werden. Het was al donker en laat toen de laatsten daar arriveerden, de sfeer zat er wel al meteen in, eerste reisanekdotes konden al uitgewisseld worden. Voor velen was het een gezellig weerzien met oude bekenden, na een korte reünie werden de slaapkamers opgezocht en zou het eigenlijke reisverhaal op maandagochtend richting Ost-Tirol / Karinthië beginnen.

 

Die maandagochtend waren de weersgoden ons in alle geval goed gezind, en ging het gezwind richting Felberntauertunnel. Na amper 6 km kregen we te kampen met een eerste euvel, iets wat niet direct en ook niet in de eerste dagen zou kunnen opgelost worden. André Wing was zonder remsysteem gevallen er moest en zou een garage ( lees : schitterende mecanicien ) gevonden worden. Triestige hoop bleek het achteraf, de rit moest verder gezet worden en een garagist zouden we pas 150 km verder vinden in de buurt van Lienz. We lieten de moed niet zakken en op een gezapig tempo werden de eerste Oostenrijkse kilometers afgereden. De uitzichten waren hier al fantastisch, een voorsmaakje van wat komen zou. Links en rechts geflankeerd door Alpenreuzen reden we richting toltunnel en van daaruit ging het van het ene skioord naar het andere tot we de middagstop in Lienz  bereikten.  Na een stevige eerste klim en kennismaking met haarspeldbochten werd op terras met prachtig uitzicht genoten van de eerste schnitzels van de week. Iedereen was vol moed en de ooohhhs en aaahhhs naar uitzichten toe weerklonken al als Tiroolse koeienbellen. Er volgend nog een kleine 35 km omgevingsgenieten alvorens we onze vaste stek voor deze week, Gailtaler Hof MoHo bereikten. Het Oostenrijkse ontvangstcomité stond ons reeds op te wachten, weldra konden de stalen rossen gestald worden en de koffers uitgepakt worden. Met mondjesmaat kwamen ook de laatsten de groep vervoegen en opzet 1 was al geslaagd. Iedereen veilig en wel op de bestemming, iedereen had het gevonden. ’s Avonds werd het culinaire getest en goed bevonden en maakten we voorzichtig kennis met de hotelbar en de lokale dranken. Ook internet werd geraadpleegd om de weersevolutie op de voet te kunnen volgen. Morgen staat een schone rit op het programma ! Grossglockner, here we come ….

 

Na een stevig ontbijt met alles er op en er aan en het uitwisselen van de kamerverhalen ( groot bed, schone badkamer, schoon uitzicht,gesnurk van eega of buurman … ) vertrokken we richting de hoogste top van Oostenrijk, zijnde de Grossglockner met zijn bekende en befaamde Alpenstrasse, zijn gletsjer en zijn marmotjes. Het weer zag er bij vertrek goed uit, op hoop van zegen zou het zo blijven. De zeventien moto’s tellende sliert kwam langzaam op gang en als opwarming kregen we een glooiende col voorgeschoteld. Consternatie alom toen daar al bleek dat bij het eerste kruispunt niet iedereen mee was en we wat verder moesten wachten en terugkeren om het verloren schaap op te pikken. Rustig afwachtend zat Lucske op een bank te wachten op zijn reddende engel en kort daarop reden we in meute verder naar Heiligenblut, pittoresk dorp aan de voet van de Hoch Alpenstrasse en waar we schattige winkeljuffers vonden die voor ons in een haast nog een uitgebreid lunchpakket met verse pistolets konden samenstellen. Op naar de kassa en hopen dat we boven zouden raken. De verbazing sloeg echter toe toen werd meegedeeld dat de terugkeer bemoeilijkt zou kunnen worden en dat het op de hoogste toppen aan het sneeuwen was. Met de moed der wanhoop toch maar naar boven oordeelden we, we zien wel waar we komen. Een eerste apotheose werd ons nog gegund richting Kaizer Franz Joseph hoogte om een glimp op te vangen van de gletsjer en de Grossglockner. Via vlotte bochtige wegen bereikten we de bestemming en werden de schitterende verzichten en dergelijke op de gevoelige plaatjes vastgelegd. Kwestie van te kunnen bewijzen dat wij er ook waren. Na de adembenemende beelden in ons opgenomen te hebben keerden we terug naar het rondpunt om van daaruit nu links af te draaien naar de hoogst bereikbare spot van de bergpas, de Edelweissspitze.  Echter, nog maar pas die richting uit viel ons de eerste , zij het flauwe poedersneeuw ons te beurt.  Niet opgeven, er zaten opklaringen in de lucht en verder ging het gezwind bergop. Evenwel, toen we kilometers verder uit de tunnel kwamen , de tunnel die ons van de zuidflank naar de noordflank bracht, werden we daar opgewacht door mist en een wit landschap. De temperatuur bereikte het vriespunt, hoe hoger we verder reden hoe kouder, hoe natter en hoe mistiger het werd. Omdat we veiligheid voor alles laten primeren werd besloten om af te zien van de slotklim en keerden we voorzichtig terug richting vertrekpunt. Tussendoor nog even in het aangename najaarszonnetje enkele kilometers lager genoten van de middagpicknick om dan richitng Berg te gaan voor een verwarmende koffiestop. In hotel Sunshine ( what’s in the name ) werden we verwelkomt door Martin en  Annelies en na twee tournees kwam de typische Gemüdlickheid naar boven en kregen we allen als afsluiter nog een Jägermeister tegen de koude. Op naar Hermagor dan maar, richting Weissensee. Niettegenstaande afspraken slaagden we er toch weer in de groep in twee te doen splitsen. Uiteindelijk zagen we elkaar terug in het hotel en werd het tijd voor de doop van de nieuwen onder ons.  Erwin was op het lumineuze idee gekomen om de nieuwelingen alle helmen te laten kuisen , met telkens als beloning na een propere helm een verdiende schnabs. En dat herhaalde zich zo een slordige 20 keer. Santé aan de nieuwen Sandra en Franky, wat losse tongen nadien doen met mensen kun je wel verstaan …. Er werd duchtig en luchtig gespeeched in Duits, Tirools en Engels en iedereen heeft er wel wat van verstaan. Achteraf werd er nog wat nagekaart met de groep aan de bar en verbroederd met Duitse motards die vandaag ook een leuk ritje gemaakt hadden. Hun wedervaren konden we zien op grootscherm, het sprak alvast tot de verbeelding .

 

Inmiddels is het woensdagmorgen en staan we vertrekkensklaar voor een tocht naar Slovenië. Het tot de verbeelding sprekende meer van Bled zou de bestemming worden. Van het hotel uit hadden we ook wat routes meegekregen, als je hen mocht geloven echte aanraders. En dat het niet gelogen was, hebben we aan den lijve mogen ondervinden. Doorheen de binnen ging het richting drielandenpunt om zo verder langs Kransjka Gora naar Jesenice te rijden om dan van daaruit het meer van Bled te bereiken. Onderweg toch even vlug stoppen om een blik te werpen op het Triglav gebergte, een rotsformatie om u tegen te zeggen en geflankeerd door het grootse natuurpark Triglav.  Aangekomen in Bled zochten we gauw een terras op met zicht op het meer, de kerktoren in het midden en de beschermende burcht tegenaan het meer op de bergwand. Imposante bouwwerken en de natuurpracht vormden hier als het ware één geheel, te mooi om te verwoorden voor zij die er niet waren. Terugkeren doen we gedeeltelijk langs dezelfde weg om dan in Kransjka Gora links af te slaan, richting Bovec langsheen de enige weg doorheen het prachtige Triglav-natuurpark. Eén goeie tip : tank hier eerst nog eens goed vol, want het zal uren duren voor we nog een tankstation tegen komen!  De route zou ons via haarspeldbochten in kasseien brengen naar één van de mooiste uitzichten van de midweek. Indrukwekkende rotsen, de rust en de stilte van de natuur en het genieten van de wegen en de stralende zon maakten van deze dag een ware topper, een echte aanrader voor zij die ooit nog eens daar in de streek zouden zijn. We toerden verder richting Italië naar de Sella Nevea om vervolgens naar Pontebba en de Nassfeldpas te rijden. Op papier is dat allemaal mooi, tot je aan de eigenlijke klimmen en afdalingen begint. Vooreerst kregen we te maken met een wegomleiding die ons leidde naar een boerenslag in kiezels, amper een wagen breed. Als je geduld dan nog eens op de proef gesteld wordt door lange wachttijden voor een rood verkeerslicht en als dan blijkt dat er toch niemand komt en je het risico neemt om toch maar aan te zetten maar bij de eerste bocht moet vaststellen dat er toch nog tegenliggers komen dan is het even naar adem snakken en evenwicht en stuurmanskunst combineren op kiezeltjes. Geen ongelukken dus maar verder richting Pontebba. Gelukkig voor sommigen hier wel een naftepompe en de laatste kilometers van de dag . En dan kom je aan de voet van die slotklim, het is ondertussen etenstijd en we zitten op 15 km van het hotel. Wat blijkt, dat ze op de pas aan het werken zijn en dat we er niet over kunnen ! Moeilijk gaat ook en we hebben die reis gekozen voor het avontuur, dus nadars aan de kant en op goed geluk de berg op. Hoe verder we komen, hoe meer bordjes van wegwerkzaamheden we zien, doch hoe minder arbeid we moeten vaststellen. Uiteindelijk komen we aan een brugje  dat afgezet is voor voertuigenverkeer, ze hebben evenwel een kleine opening gelaten waar een moto precies door kan. Dus probleem opgelost en we kunnen de weg verder zetten richting avondeten.  Allen moe en voldaan bereiken we het hotel. Ook Guy die zonder nafte gevallen was is al op de bestemming. Hij nam een kortere en directe en snellere weg en zit al gezellig aan den aperitief als wij landen. Er wordt nog nagekaart over heroïsche belevenissen, we kunnen nu eindelijk meebabbelen met onze Duitse vrienden. En als dan één van hen nog verjaart en trakteert kan de boel niet meer stuk ….   Ein prosit !

 

Donderdagochtend is het al en de bergtoppen richting Noorden zijn omringd door grijze en grauwe wolken. In de verte,  zien we enkele blauwe opklaringen en als ik mij goed oriënteer is het toch wel net die richting dat we uit moeten vandaag. Een rondreis in Italië staat op het programma, rondom en doorheen de Dolomieten. We vertrekken met goeie moed en goed gemutst ( of is het gehelmd ) richting Plockenpas met als reisbestemming San Daniele, aan de voet van het Italiaanse gebergte, gelauwerd om zijn meertjes en waterlopen.  Na de laatste richtlijnen ontvangen te hebben van Kristine gaat het richting Paluzza. We volgen hierbij een schitterende bergweg die bij momenten zeer smal door dorpjes slingert. Kinderen laten buitenspelen op straat is hier zeker niet aan te raden, er is amper plaats om een motorfiets op kruissnelheid te laten passeren. De panoramische uitzichten die we er voor in de plaats krijgen zijn wel uitzonderlijk mooi te noemen. Rijden we in de heenweg over de bergweg, de terugweg richting Tolmezzo gebeurt via de dalweg, naast de rivier. De helblauwe rivier kronkelt zich een weg langsheen de groene oevers, van overal stromen watervalletjes naar beneden. Zalig als opwarming zo kuieren langs Italiaans weggetjes. Stilaan wordt het toch tijd voor het grote werk en trekken we van Tolmezzo richting San Daniele via Vergernis. Was het gisteren uniek, vandaag is het zeker al even mooi en even bochtig.  Onderweg toch weer klein probleempje als blijkt dat Christel last heeft van een oogontsteking en nog amper kan zien. Een apotheker vind je hier zo maar niet, dus nog even volhouden tot in de volgende grote stad. Bij een koffie stop doet zich al een tweede probleem van de dag voor. Wanneer blijkt dat Stefaan  hoognodig grote boodschappen moet doen, blijkt dit voor hem niet evident om dat staande te doen boven een Franse wc. Hilariteit alom als vrouwen wel kunnen wat hij niet voor mogelijk acht en wanneer welwillende collega-motards hem het voorbeeld tonen. Dan maar verder de route op met buikkrampjes zoals alleen een baby ze nu de dag van vandaag nog moet verdragen. Dit verhaal wordt vervolgd !  We naderen stilaan het einde van de bergketen en voor ons duikt San Daniele op. Vanop een brug hebben we enig zicht op een bijna drooggelegde rivier, het kleurenpalet blijft echter indrukwekkend met witte kei-oevers die kabbelende bochten omranden. Een ideale picknick-plek blijkt het te zijn en even verder houden we dan ook halt onder de brug. Heerlijk genieten in alle rust en stilte, wat kan een mens zich nog meer wensen. Alleen jammer voor Stefaan dat er hier ook geen wc’s staan. De darmen beginnen zo langzamerhand hoorbaar tegen te pruttelen ….. Na het eten terug de weg op om opnieuw de bergen te gaan bestrijden. Via Avansis gaat het weer richting Tolmezzo, van waaruit we nu de andere richting kiezen. Hoogtijd ook ondertussen voor B-King Guy om zijn bak vol te gooien, alleen jammer dat de meeste pompen gesloten zijn. Hopelijk herhaalt de geschiedenis zich niet en kan hij vandaag de hele rit meemaken. We komen stillan aan het meest besproken gedeelte van de reis , Monte Zoncolan.  Van de barmeid hadden we vernomen dat dit een echte aanrader was en dat in elke haarspeldbocht foto’s hingen van legendarische Giro-winnaars. Tevens vertelde ze er bij da               t de klim gezapig begint, doch hoe hoger en hoe verder je reed, hoe steiler en smaller de weg werd. Geen berg is voor ons te hoog deze week, geen uitdaging gaan we uit de weg, dus op naar Zoncolan met alle mogelijke gevolgen van dien. Zoals zij ons reeds meedeelde begint de klim gezapig en worden we opgewacht door afbeeldingen van Magni en Bobet die ons de weg naar boven tonen.  Het is een aardige bochtige en bij momenten steile klim, evenwel plaats genoeg om te manoeuvreren. En dan zie je ineens een eerste bordje van wegversmalling opduiken. Vooralsnog geen probleem, als we de pancartes mogen geloven konden Merckx, Indurain en Moser het ook. We verlaten stilaan de begroeide flanken en de weg wordt een weggetje. Alsof ze met ons lachen zien we toch op de afbeeldingen Simoni , Saroni en Anquetil zwoegen en afzien. We zijn dus niet alleen. Plots in de verte doemt een enorme wegverbreding ter hoogte van een tunnel op, waar we toch zeker langs de wegafbakening de moto’s achter elkaar  kunnen parkeren , er is nog ruimte voor een auto over. Het zicht dat we van hieruit op de omgeving hebben is fenomenaal ! Lang niets meer gehoord van Stefaan, hier is hij dan weer. De krampen zijn niet meer te houden en terwijl iedereen geniet van het uitzicht en de rust gaat hij hogere oorden opzoeken om zich wat te ontlasten van de bovendruk. Een wc is er niet, wc-papier dus ook niet. Dan maar een paar ingevulde Sudoku’s ter hand nemen en hop, daar gaat hij de struiken in, uiteraard op de voet gevolgd door de papparazzi. Met een gelukzalige blik komt hij enige tijd later terug de groep vervoegen en maakt hij gebruik van een Vittel-fles om zijn handen in de onschuld te wassen. Opgelucht kan hij verder rijden, de tunnel door naar nog een tunnel en dan naar nog een tunnel. En dan wordt de verrassing kompleet als de woorden van onze barmeid Kristine bewaarheid worden. De weg wordt een fietspad met kiezels bezaaid, de helling bereikt een slordige 18 % en de bochten zijn geen haarspelden meer, doch haakse kuitenbijters. Net niet tot stilstand komend bereiken we allen veilig de top en weerklinkt bij velen een zucht van verlossing alsook één van victorie. De Zoncolan werd door ons bedwongen, alleen de wolken gunnen het ons niet en laten hun tranen de vrije loop. Het was het angstzweet waard om tot hier te komen, de afdaling langs de andere kant is vloeiender en minder spectaculair.  Inmiddels naderen we weer Paluzza en zullen we voor een tweede keer in tegenovergestelde richting de Plockenpas overschrijden.  Zo komt stilaan een voorlopig eind aan alweer een avontuurlijke dag motorrijden. ’s Avonds worden de heldendaden in ‘t lang en ‘t breed uitgesmeerd, nog een laatste avondmaal in groep en dan een afzakkertje in de bar. Het einde nadert …..

 

Duren is een mooie stad, maar blijven duren bestaat niet. Dus dan maar de hotelrekeningen vereffenen, de koffers vullen en stilaan denken aan de terugweg. En zoals we gekomen zijn gaan we ook vertrekken, elk op eigen houtje en tempo richting huiswaarts. Sommigen reizen door naar Venetië, anderen naar een nog niet gekende bestemming, nog anderen vertrekken met de auto naar huis en het merendeel trekt richting Duitsland met als bestemming Strasburg, Mannheim en ergens in de buurt van de Moezel. Eens de moto’s volgetankt is het om 9 uur tijd om tijdelijk afscheid te nemen en elkaar een veilige terugreis te wensen. We zien elkaar gauw terug ! Het was een schitterende week, alvast afspraak in september 2009 om naar Bourgogne te reizen ……

 

Voor het volledig foto archief en reisverslagen klik hier